Jouw Tentamenstrategie onder de loep met de Regulatie Focus en Regulatie Fit Theorie!

29 Jan 2016

De tentamenweek zit er weer (bijna) op, tijd om te reflecteren! Waar lag je focus en welke strategie heb je toegepast? 

 

Koos je er voor om nog eens extra stof en oefenmateriaal tot je te nemen of deed je exact wat je was opgelegd? Liet je je inspireren door een mogelijk goede beoordeling of vermeed je vooral een onvoldoende?

 

Volgens de zogenaamde ‘Regulatie Focus Theorie’ van E.T. Higgins kunnen mensen bij het nastreven van doelen in twee verschillende type foci zitten: ofwel in een preventie focus ofwel in een promotiefocus. Individuen in een promotiefocus leggen de nadruk op het aangaan van risico’s, uitdagingen en zien vooral de mogelijkheid om winst te behalen. Individuen met een preventiefocus zijn voorzichtiger, houden zich meer rigide aan richtlijnen en willen vooral falen of verliezen vermijden. 

 

Misschien komt meteen de vraag bij je op: wat is dan beter, een preventie focus of een promotie focus? Al kunnen we taken identificeren die meer ‘kloppen’ met de een of de andere focus (een promotiefocus past meer bij creatieve taken en een preventiefocus meer bij secure taken zoals dataverwerking), toch kun je met beide foci in principe hetzelfde resultaat bereiken, zolang de strategie die je toepast om het doel te bereiken maar in lijn is met je focus. Wanneer de strategie die we toepassen past bij onze focus dan voelt dat fijn/goed en gaat het ons gemakkelijker af goede resultaten te halen. We zitten dan eerder in de juiste werkflow.  Dit gegeven noemen we ‘Regulatie Fit’. 

 

Een relevant voorbeeld zie je op de afbeelding. Student A en student B willen allebei een goed resultaat behalen voor hun tentamen. Student A heeft ten aanzien van studeren een promotiefocus (e.g.: ziet winstmogelijkheden en neemt graag risico’s, meer bezig met grote lijnen) en student B heeft ten aanzien van studeren een preventiefocus (wil vooral geen onvoldoendes halen of fouten maken, kijkt precies welke stof er voor welke opdracht gelezen moet worden en ziet vaak meer de bomen dan het bos, let op details).

 

Wanneer student A zich tijdens het studeren van het tentamen een passende promotie strategie aanmeet, zal hij/zij een positieve fit voelen en gemakkelijker het doel te behalen, dan wanneer een preventie strategie wordt gehanteerd. Zo behaalt student A een goed cijfer als deze zichzelf toestaat extra materiaal erbij te pakken, of een creatieve leermethode gebruikt om geïnspireerd te blijven. Als student A een preventie strategie toepast en zich rigide houdt aan de leerstof, heeft student A het lastiger. Student A staat niet in zijn/haar kracht. Er is sprake van een non-fit tussen de focus en de strategie, een onvoldoende ligt op de loer. 

 

Voor student B geldt weer dat een meer rigide aanpak geslaagd zou zijn. Vanuit zijn preventie oriëntatie voelt het voor student B goed om exact op de hoogte te zijn van welke stof er hoe getest gaat worden en wat er dus precies gedaan moet worden voor een hoog cijfer. Die richtlijnen staan vaak helder in het programma overzicht van het vak en wordt duidelijk bij het maken van oefententamens. Student B behaalt gemakkelijker het goede cijfer als deze precies de richtlijnen kan volgen, en loopt risico op een onvoldoende als hij/zij ervoor kiest eens af te wijken van de richtlijnen; dit creëert een non-fit tussen de oriëntatie en de strategie en voelt dan ook ‘onjuist’ voor de student; niet de optimale situatie om gemotiveerd en krachtig het doel na te streven. 

 

Tip van Wakker bij Bakker:

Ga eens voor jezelf na wat jouw oriëntatie is wat betreft studie (kan verschillen per domein) en onderzoek welke strategie je hebt toegepast deze tentamenweek. Voelde je strategie goed? Was er sprake van fit? Zo ja, hou het vast en blijf je er van bewust!  Als er geen sprake was van fit, gebruik deze kennis voor de herkansing en de rest van je studie!

Please reload

  • Wix Facebook page
  • Instagram Social Icon
  • LinkedIn App Icon
SOG op onze BLOG!
Recent Posts